De Rijn met IJsselaftakking, de Maas, de Schelde en de Eems vormen in Nederland een grote delta. De strijd tegen het water begon al in de 10e eeuw. Eerst met het temmen van de rivieren en de getijden, daarna door landwinning. 

Molens speelden daarbij een belangrijke rol. Vroeger waren er meer dan 10.000 molens in Nederland. De meesten waren gebouwd om te zagen, te  persen, te malen, etcetera. De molen van Sloten is een ‘poldermolen’, ontworpen om water te pompen. 

Om een indruk te geven, Nederland telt zo’n 4000 polders. Velen zijn klein, er zijn ook een paar hele grote. Nederland is inmiddels bedekt met een automatisch systeem van pompen die een teveel aan regenwater via ringvaarten afvoeren naar  zee.

Een negatief neveneffect is dat polders en droogmakerijen de neiging hebben in te klinken. Dat gebeurt met een gemiddelde van 1 centimeter per 5 jaar. Dit is de reden dat Nederland voor ca 60% onder de zeespiegel ligt. 

De Molen van Sloten, een poldermolen met vijzel, assisteert bij het bemalen van de ‘Voormalige Sloterbinnen- en Middelveldsche- Gecombineerde Polders’. Afhankelijk van zomer of winter ligt het waterpeil van deze polder op 2.10 tot 2.15 m onder zeeniveau.